Een belangrijk deel van het onderzoek van het
Max-Planck-Institut
für Radioastronomie (MPIfR), opgericht in 1966, berust op
waarnemingen met de
100-m radiotelescoop
in Bad Münstereifel-Effelsberg. Sinds 1972 is de telescoop met
veel succes in gebruik. Met een diameter van 100 m is hij
één van de twee grootste, in alle richtingen beweegbare
telescoopen ter wereld en dank zij de hoge precisie van het oppervlak
kan hij zelfs nog bij een korte golflengte van 3.5 mm gebruikt worden.
In het
Institut in Bonn zijn in de loop der jaren vele zeer gevoelige en
ruisarme ontvangers voor de 100-m radiotelescoop ontwikkeld voor
golflengten tussen 3.5 mm en 74 cm.

Niet alleen de medewerkers van het MPIfR kunnen
waarnemingen doen met de telescoop maar 40% van de tijd ook andere
wetenschappers. Al jarenlang wordt van die mogelijkheid veel gebruik
gemaakt, zowel door medewerkers van
duitse universiteiten als door wetenschappers van talrijke buitenlandse
instituten.
De verschillende werkgroepen aan het MPI für
Radioastronomie volgen verschillende methoden bij waarnemingen met de
100-m radiotelescoop. Deze methoden zijn:
- Metingen in het radiocontinuum. Onderzoek aan
galaktische en extragalaktische objekten bij verschillende golflengten;
deze werkgroep onderzoekt ook het neutrale waterstof (de HI lijn bij 21
cm en CO lijnen bij kortere golflengten).
- Spektroskopisch onderzoek. Vele lijnen van
galaktische en extragalaktische objekten.
- Onderzoek aan pulsars. Metingen van zeer kort durende
veranderingen in de radiostraling.
- VLBI (Very Long Baseline Interferometry). Een
wereldwijd netwerk van radiotelescopen voor radio-interferometrie met
zeer lange basislijnen. Met deze meetmethode ontstaan afbeeldingen van
radiobronnen waarop men vele details kan zien.
In de waarneemruimte bij de 100-m telescoop staan enkele
proces computers
en in het Instituut in Bonn bevindt zich een uitgebreid netwerk van
rekenmachines waarop iedere wetenschapper een aansluiting heeft. Deze
worden
gebruikt voor het verwerken en analyseren van gegevens en voor
theoretische
studies. VLBI waarnemingen worden met een speciale computer verwerkt.
Om het gebied van astronomisch bruikbare golflengten uit
te breiden, bouwde
het MPIfR een
30-m radiotelescoop voor waarnemingen bij golflengten van enkele
mm, waarvoor de Effelsberg telescoop ongeschikt is. Deze telescoop
staat bijna op de top van de Pico Veleta (Sierra Nevada in het zuiden
van Spanje) en was in 1985 klaar. Hij werd toen overgedragen aan een
nieuw
opgericht Institute for Radioastronomy in the Millimeter wavelength
range
(IRAM) met basis in Grenoble in Frankrijk. Daar het oppervlak van de
30-m telescoop zeer nauwkeurig gemaakt is, kan hij gebruikt worden bij
golflengten
van enkele mm tot 0.87 mm.
Al sinds 1981 zijn in Bonn ontvangers gebouwd voor
golflengten in het sub-mm bereik. Aanvankelijk werden die gebruikt voor
waarnemingen met
grote optische telescopen en in
vliegende
observatoria (telescopen in vliegtuigen), later met een speciaal
daarvoor gebouwde telescoop.
Op 18 September 1993 werd de radiotelescoop voor het
sub-mm
gebied ingewijd. Deze telescoop heeft een diameter van 10 m. Hij kreeg
de naam
Heinrich-Hertz-Telescoop (HHT) ter ere van de ontdekker van de
radio golven.
APEX (
Atacama
Pathfinder EXperiment), een nieuwe submillimeter-telescoop van
12 meter doorsnede, is gebouwd op de Chajnantor-hoogvlakte op 5000
meter hoogte. Vanaf 2004 wordt het daar gebruikt in samenwerking met
de Europese Zuidelijke Sterrewacht (ESO) en de sterrewacht van Onsala
(Zweden). APEX wordt gebruikt in het submillimeter- en terahertzgebied,
tot
golflengtes van 0,3 mm.
De astronomen van het MPIfR kunnen nu waarnemingen doen
in het hele golflengte gebied dat bruikbaar is vanaf de aarde.
Met de unieke serie telescopen die het MPIfR ter
beschikking heeft, kunnen zeer uiteenlopende onderzoekingen gedaan
worden. Enkele voorbeelden daarvan zijn:
- Onderzoek naar de vroege ontwikkelings fasen van het
universum, bv. met behulp van gravitatie lenzen
- Bestudering van de kernen van radio melkweg stelsels
en quasars (schijnbaar stervormige objekten, maar in werkelijkheid zeer
energierijke stelsels op grote afstand) met behulp van de VLBI
techniek. Voorbeelden zijn het radio stelsel Cygnus A en de verre
quasar 0836+71.
- Analyse van veranderingen in de structuur van kernen
van radio stelsels (3C273) en van veranderingen in intensiteit van de
radio straling binnen een dag van compacte radio bronnen.
- Speckle-interferometrie van jonge stervormige
objekten, oude sterren en actieve kernen van melkweg stelsels in het
optische en infrarode golflengte gebied.
- Analyse van jets in melkweg stelsels.
- Waarnemingen van continuum- en lijnstraling van
extragalaktische (buiten onze Melkweg voorkomende) stelsels.
- Onderzoek van magneetvelden in extragalaktische
stelsels zoals de Andromeda nevel (M31) en de spiraal nevel NGC6946.
- Bestudering van de radiostraling van pulsars, die
regelmatig verandert met perioden van enkele milli-sekonden tot 5
sekonden.
- Waarnemingen van continuum- en lijnstraling van onze
Melkweg. Hieruit kan men de ruimtelijke structuur, natuurkundige
eigenschappen, de chemische samenstelling en de chemische ontwikkeling
van de materie tussen de sterren afleiden.
- Waarnemingen en theoretische studies van stervorming
en sterontwikkeling.
- Onderzoek naar de natuurkundige eigenschappen van het
centrum van ons melkweg stelsel met behulp van waarnemingen bij
verschillende golflengten.
- Studie van structuur en samenstelling van kometen en
asteroiden.
Het Max-Planck-Institut für Radioastronomie
heeft 190 medewerkers, waaronder
60 wetenschappers. Ook werken er nog 30 gastwetenschappers en
promovendi.
De direktie van het MPIfR bestaat uit
Prof. Dr. Michael Kramer, Hon.-Prof. Dr. Karl
M. Menten, Prof. Dr. Gerd Weigelt en Hon.-Prof. Dr. Anton Zensus.
MPIfR Home
deutsch
/
english
(Elly M.
Berkhuijsen; Floris van der Tak)
http://www.mpifr-bonn.mpg.de/public/bonn_nl.html
Last modified on Friday, December 9th, 2011
public_at_mpifr-bonn.mpg.de